Beleid

24-07-2010

Geschiedenis van de LVO

Eind jaren ’60 ontstond er een grote behoefte aan vakbekwaam assisterend personeel, door verregaande specialisaties die plaatsvonden binnen de ziekenhuizen. In 1969 ging men daarom serieus aan de slag met het opzetten van een aparte opleiding om aan deze behoefte te kunnen voldoen. Een groep specialistische verpleegkundigen op de operatiekamer was toen de grootste beroepsgroep. De NZR (tegenwoordig NVZ) hield toezicht op deze opleiding. Binnen deze beroepsgroep waren verschillende functies te onderscheiden: operatieverpleegkundigen, operatiehulpkrachten (dit personeel nam werkzaamheden over van assisterenden en verpleegkundigen vanwege een tekort aan personeel) en operatieassistenten (dit waren vroeger volledige medewerkers van operatieverpleegkundigen).

In 1977 werd door een drietal net afgestudeerde operatieassistenten besloten een vereniging op te richten om beroepsbelangen van operatieassistenten en anesthesie-medewerkers te kunnen behartigen. Onder deze belangenbehartiging verstond men toen: wettelijke erkenning, bescherming van het beroep (functieomschrijving en uitbreiding van de beroepsmogelijkheden).

Om alle informatie van onderhandelingen en verenigingsactiviteiten door te kunnen spelen aan de leden werden algemene ledenvergaderingen georganiseerd. De eerste jaarvergadering vond plaats op 10 december 1977. De vereniging had toen inmiddels 150 leden. Het informatieblad van de LVO, welke inmiddels ook werd uitgegeven, bestond toen nog uit slechts 2 A4-tjes.

Inmiddels is de Landelijke Vereniging van Operatieassistenten een flink stuk gegroeid en groeit nog steeds. Anno 2013 telt de vereniging ruim 2200 leden. Dit betekent dat op dit moment bijna 50% van het totale aantal werkzame operatieassistenten lid is van de LVO.

Missie

De LVO investeert in de kwaliteit van operatieve zorg en techniek door de ontwikkeling van en de belangenbehartiging voor haar leden.

Visie

De LVO wil een innoverende en herkenbare beroepsvereniging zijn voor medewerkers die medisch-assisterende werkzaamheden verrichten ten behoeve van operatieve zorg en technieken.

Doelstellingen

  • Afbakenen beroepsdomein.
  • Individuele en collectieve belangenbehartiging.
  • Professionalisering van de beroepsgroep stimuleren.
  • Voorlichten van de leden.
  • Bevorderen van het contact tussen de leden.